Wat als?
Onze K.T. refereerde er nog aan in zijn filmrubriek: die ogenblikken in ieders leven dat men moet kiezen en waar men later aan terug denkt als een keerpunt dat je in de een of andere richting heeft gezonden. Maar als je nou iets anders gekozen had; tja dan….Zo’n momenten zijn er ook in het leven van naties en gemeenschappen. Oorspronkelijk waren speculaties over “if what” het domein van Amerikaanse romanciers en sciencefictionauteurs. Ze lieten de Indianen een eigen groot Noord-Amerikaans rijk stichten of schonken de overwinning in de burgeroorlog aan het Zuiden. Later amuseerden historici zich om te speculeren over een andere toekomst als de neus van Cleopatra wat korter was geweest. Ik heb eventjes hetzelfde gedaan met een paar gebeurtenissen uit de eigen geschiedenis.
1.Hertog Karel niet sneuvelt?
Karel de Stoute wacht in 1477 tot de versterkingen uit de “landen van herwaerts overe” en “derwaerts overe” arriveren en valt de Zwitsers niet aan bij Nancy. Hij overwint hen een tijdje later en slaagt er in om definitief zijn Nederlanden met Bourgondië territoriaal aan elkaar te smeden. Hij herstelt dus het rijk van Lotharius. De keizer heeft hem éénmaal een kroon geweigerd, maar durft dat geen tweede keer. Karel wordt dus koning van een middenrijk tussen Frankrijk en Het Heilig Roomse Rijk der Duitse natie. Koning Karel is feitelijk veel machtiger dan de keizer in Wenen en laat zijn dochter Maria met diens zoon Maximiliaan trouwen. Na Karels dood wordt Maria koningin en later keizerin.
Maximiliaan probeert de rijkdom van het koninkrijk van zijn vrouw aan te wenden om de rest van het Duitse rijk te centraliseren en de vorsten van de vele staten aan hem ondergeschikt te maken. Hij mislukt omdat de Nederlandse staten hem financieel droogzetten en hem niet vertrouwen. Brugge gooit hem op zeker ogenblik zelfs in de gevangenis. Eerst zijn zoon Filips de Schone slaagt erin om als koning en keizer overal zijn gezag te laten gelden. Frankrijk dat de enorme machtsconcentratie ten noorden en ten oosten saboteert waar het maar kan, sluit tenslotte een bondgenootschap met Castilië en Aragon en verhindert het huwelijk van Filips met Juana. De Castilliaanse prinses trouwt met de dauphin en door het onverwachte overlijden van drie troonopvolgers wordt de toekomstige koning van Frankrijk ook de toekomstige vorst van Spanje. Er zijn nu twee enorme machtsblokken in Europa die elkaar min of meer in evenwicht houden.
2. Balthasar Gérard mislukt in zijn moordaanslag?
De aanslag op Guillaume de Nassau, prince d’Orange en feitelijke leider van de Opstand, is mislukt. De fanatieke katholiek Balthasar Gérard uit Franche-Comté, al eeuwen met het graafschap Vlaanderen verbonden, wordt terechtgesteld en zijn familie moet niet rekenen op de enorme som bloedgeld en de adellijke titel die Filips II beloofd heeft. De mislukte aanslag brengt wel de zaken in een stroomversnelling.
De Staten van Holland begrijpen dat men niet langer mag dralen met de plannen voor prins Guillaume. De Staten-Generaal hebben wel de vorige graaf van Holland, heer van Friesland, hertog van Gelre, enz. afgezet met de Akte van Verlatinghe en daarmee is het zinnetje van die Antwerpse rederijker “den Coninc van Hispanien heb ik altijd geëerd” niet langer meer zinvol. Maar de pogingen om de soevereiniteit aan te bieden aan de vorsten van Engeland of Frankrijk waren ook geen succes. Holland en Zeeland beslissen daarom dat prins Guillaume voortaan hun vorst zal zijn met de oude graventitel en met eerbied voor de prerogatieven van de onderdanen. Friesland heeft liever een andere Nassau om de macht wat te verdelen, maar begrijpt dat de afgescheurde Nederlanden moeilijk twee of drie vorsten kunnen hebben. De leden van de Staten van Holland die al aan zoiets als een Republiek dachten, halen bakzeil. Guillaume wordt dus heer van Friesland. Groningen, Drenthe en Utrecht gaan dan ook maar overstag.
Dat heeft het voordeel dat Brabant en Vlaanderen die nog altijd Filips als hun hertog en graaf erkennen, misschien gemakkelijker zullen aansluiten. Prins Guillaume heeft trouwens al voor de aanslag zijn twee jongste dochters Maria van Vlaanderen en Maria van Brabant genoemd. Er zijn natuurlijk ook zware nadelen aan dit besluit. Guillaume is niet langer meer een stadhouder (de hoogste ambtenaar van Filips of van de Staten) maar een vorst en hij heeft zo zijn eigen politieke agenda. Hij is wel calvinist geworden, maar vindt het maar niets dat Holland en Zeeland het katholieke geloof verbieden; zij het iets meer in theorie dan in de praktijk. Hij wil dat de regels opgesteld tijdens de Pacificatie van Gent weer gerespecteerd worden. Holland en Zeeland calvinist en in de rest tolerantie. De conflicten van graaf Guillaume worden steeds talrijker. Hij staat duidelijk aan de kant van de rekkelijken en niet van de preciezen, dikwijls vluchtelingen uit het graafschap Vlaanderen (die het goede Hollandse “gij” willen vervangen door “jij”).
Guillaume ziet zichzelf als de opvolger van Filips en is niet zinnens zijn landen tot het verzopen Noorden te beperken. Hij vraagt en krijgt geld om het Zuiden te heroveren. Zijn eerste belangrijke daad na de aanslag is de rekrutering van soldaten die erin slagen het belegerde Antwerpen te ontzetten.
Na zijn overlijden is er een klein probleem. Zijn zoon en rechtmatige opvolger Filips Willem is nu eenmaal katholiek en woont al een tijd in Spanje, maar men kan gezien de dynastieke legitimiteit niet rond hem heen. Dus wordt Maurits stadhouder in de plaats van zijn oudere broer. Hij voert dezelfde politiek van zijn vader: tolerant en tegenstander van de harde calvinisten. Hij weigert een bestand met de landvoogden in het Zuiden te sluiten en profiteert van hun militaire zwakheid om Vlaanderen en Brabant te veroveren. Tot grote woede van de predikanten stelt Maurits een Edict van Verdraagzaamheid op zodat de katholieken hun bevoorrechte posities in het Zuiden behouden. In Diest ontmoet Maurits zijn oudere broer die daar na zijn Spaanse jaren resideert. Filips Willem wordt door de Staten-Generaal erkend als graaf en hertog, maar hij laat de macht in de handen van Maurits. Die volgt hem op in 1618 en zal nog zeven jaar in eigen naam regeren.
3. Michiel de Ruyter Nieuw-Amsterdam herovert?
In 1665 is Michiel de Ruyter de bevelhebber van een Nederlands eskader dat van Afrika tot Noord-Amerika de Engelsen lastig valt tijdens de eerste zeeoorlog. De Ruyter moet op zeker ogenblik kiezen tussen twee mogelijkheden. Hij ziet af van een inval in Suriname en herovert Nieuw-Amsterdam dat door de Engelsen bezet is. De kolonie komt weer in Nederlandse handen en wordt voortaan meer door het moederland gesteund. Willem III mag wel de kroon van Engeland aanvaarden, maar de Staten-Generaal eisen dat de kolonie niet mag verenigd worden met New England ten noorden of de Engelse kolonies (het latere Carolina) ten zuiden. Nieuw-Amsterdam wordt dank zij de haven van Manhattan een bloeiende stad; de grootste van het continent. De kolonie breidt zich ook uit in Westelijke richting op het vasteland maar blijft toch beperkt in omvang wegens de kleine bevolkingsinput uit de Republiek.
Nadat de Britse kolonies zich onafhankelijk verklaren als de VS, neemt de druk op Nieuw-Amsterdam toe. De kolonie verklaart zich op haar beurt onafhankelijk wanneer de inval van de Fransen in 1794 een einde maakt aan de Republiek. De stad blijft door haar keuze voor vrijhandel in de 19de eeuw een magneet voor zeevaart, handel, industrie en migratie. Onder de invloed van het Engels verandert het plaatselijke Nederlands grondig. Toch duurt het nog tot het einde van de 19de eeuw vooraleer Nieuw-Amsterdam het Amerikaans als nieuwe en officiële taal erkent. Daarmee ligt het Nederlands aan de basis van twee nieuwe talen: het Afrikaans en het Amerikaans.
4. Bonaparte de slag bij Waterloo wint?
“A damn close thing” vloekt Arthur Wellesley, hertog van Wellington, na zijn nederlaag nabij Waterloo. Maar nog is niets verloren. De Franse charges die het verzet van het Brits-Nederlandse leger breken, hebben zeer veel Fransen het leven gekost en het Franse leger moet noodgedwongen halt houden en zich al de 19de juni 1815 verdedigen tegen het Pruisische leger van Blucher. Bonaparte kan zich de Pruisen van het lijf houden, maar heeft geen soldaten genoeg om te verhinderen dat de Pruisen zich terugtrekken in de richting van Antwerpen om zich bij Wellington te voegen. Die verschanst zich in de stad waar hij altijd kan rekenen op de Britse vloot, zowel voor de bevoorrading of eventueel om in te schepen en te vluchten. Omdat de Franse gouverneur Carnot in 1814 al de Antwerpse voorsteden heeft verwoest om toen nog de opmars van de geallieerden te verhinderen, kan Wellington rustig de komst van de Fransen afwachten. De eersten die arriveren zijn echter zijn Pruisische bondgenoten.
Bonaparte is inmiddels de wanhoop nabij. Hij probeert versterkingen uit Frankrijk te laten komen, maar hij kan het land niet zonder garnizoenen laten, want in grote delen van het land wordt zijn usurpatie niet erkend en overal duiken dienstplichtigen onder omdat ze geen zin hebben voor hem te sneuvelen. Bonaparte weet ook dat grote Oostenrijks-Russische legers hun opmars zijn begonnen. Toen de geallieerden zijn vlucht uit Elba vernamen, hebben ze tijdens het Congres van Wenen gezworen dat het nu voor eens en altijd gedaan moet zijn met de Corsikaanse roverhoofdman. Bonaparte durft het niet aan om Antwerpen rechtstreeks aan te vallen en richt zich naar het oosten waar de eerste Oostenrijkse en Russische legers opduiken. In een reeks briljante, maar korte veldslagen verslaat hij deze legers, maar hij heeft nooit soldaten genoeg om een definitieve klap uit te delen. Daarenboven moet nog een deel van zijn leger “volte-face” maken omdat Britten en Pruisen Antwerpen hebben verlaten en ook op komst zijn. Zijn leger wordt iedere dag kleiner en smelt tenslotte bijna weg.
Maarschalk Ney hakt tenslotte de knoop door en zegt Bonaparte dat het zinloos is. Bonaparte abdiceert voor de tweede maal ten voordele van zijn minderjarige zoon die bij zijn grootvader, de Oostenrijkse keizer, woont. Dan geeft hij zich over aan de Britten. De briljante overwinning bij Waterloo heeft maar één triestig resultaat: nog een paar tienduizend extradoden en de verwoesting van vele Vlaamse en Waalse dorpen.
De factuur voor Frankrijk is zwaar. In Wenen is Talleyrand er na Bonapartes eerste overgave nog in geslaagd de grenzen van 1789 voor Frankrijk te behouden. Maar deze keer zijn de geallieerden niet zo grootmoedig. Koning Willem verwerft Frans-Vlaanderen zodat het gebied tot en met Duinkerke weer een deel van de Nederlanden wordt. Pruisen krijgt de Elzas en een deel van Lotharingen met de vestingstad Metz. En alle, maar dan ook alle kunstschatten, die de Fransen in Europa geroofd hebben, moeten terug naar de oorspronkelijke paleizen en kerken. Wellington belast zich met de taak om desnoods gewapend een en ander op te eisen.
5. de prins van Oranje Brussel herovert?
Het is al een hele tijd onrustig in het zuidelijk deel (de vroegere Koninklijke Nederlanden) van het nieuwe koninkrijk der Nederlanden. Koning Willem, een ouderwetse autocraat, slaagt er niet in een evenwichtige politiek te voeren. Ambtenaren en hoge militairen zijn bijna altijd Noorderlingen. Het Zuiden betaalt in verhouding veel te veel belastingen en delgt zo de enorme schulden van het Noorden. En Willem denkt naïef dat het Nederlands de lijm van zijn nieuwe staat kan worden. Maar de burgerij in het Zuiden is verfranst en de Walen die onder Bonaparte de eerste viool speelden, ontdekken dat zij “hondengeblaf” moeten leren, willen zij in een groot deel van de nieuwe staat meespreken. De katholieke Kerk die trouwens door Willem gemuilkorfd wordt, stookt haar “beminde gelovigen” op tegen de ketter in Den Haag. Honderdduizenden analfabete Vlamingen tekenen een petitie om weer bestuurd en berecht te worden in een taal die ze niet eens begrijpen. De economische situatie is niet erg goed en het regent incidenten. Willem begeeft zich op een hellend vlak als hij zijn eerste toegevingen doet. In het Zuiden is voortaan het Nederlands niet meer verplicht.
In augustus 1830 komt het tot zware rellen in Brussel met arbeiders, want de broodprijs is enorm gestegen en de nieuwe oogst is nog niet binnen. Na een opvoering van La Muette de Portici betalen burgers arbeiders om huizen van Willem-gezinden te plunderen. Maar dat leidt alleen maar tot een echte sociale opstand die zich vanuit Brussel uitbreidt tot zelfs in Aken. De burgerij bewapent zich overal, want het leger durft niet tussenbeide komen. Willem moet optreden en zendt de prins van Oranje met een leger naar zijn Zuidelijke hoofdstad. De Brusselse burgerij eist inmiddels de bestuurlijke scheiding van Zuid en Noord. Ze vertellen de prins dat ze hem eventueel als koning willen. De 27ste september is de cruciale dag. De prins heeft eventjes zijn oren laten hangen naar de praatjes, maar geeft dan toch het bevel om een legertje van grotendeels armoezaaiers op te rollen. Het leger botst op meer verzet dan verwacht en de prins aarzelt even om zijn artillerie te gebruiken tegenover een stad die misschien zijn eigen hoofdstad zal worden. Maar dan zet hij toch de kanonnen in en de proletarische opstand stuikt in elkaar. In het heetst van de strijd heeft de koning zich akkoord verklaard met de bestuurlijke scheiding, maar hij trekt deze belofte weer in. Het blijft nog een aantal weken onrustig en er vallen aardig wat doden in het Zuiden. Maar tenslotte is de nieuwe oogst er zodat de broodprijzen dalen en de sociale onrust kalmeert.
Daarenboven is inmiddels de opstand van de Polen neergeslagen en de Russische keizer Nicolaas, schoonbroer van de prins van Oranje, krijgt de toestemming om een leger door Pruisen te laten opmarcheren dat Brussel in november 1830 bereikt. De leiders van de Brusselse burgerij die een ogenblik dachten aan een herstel van de Koninklijke Nederlanden (onder de Franse naam voor Nederland = Belgique) vluchten naar Parijs. Willem I kan weer proberen zijn land tot een echte natie aaneen te smeden.
6. Hitler de oorlog wint?
Lord Halifax aarzelt even de 10de mei 1940, maar besluit dan toch Neville Chamberlain op te volgen in plaats van de functie aan Winston Churchill te gunnen. Hitler geeft Guderian het bevel de instructies van Von Rundstedt naast zich neer te leggen en zich niets aan te trekken van een eventuele Franse tegenaanval uit het zuiden. Guderian neemt het hele British Expeditionary Force gevangen bij Duinkerke. Halifax en zijn regering beslissen om met Hitler te onderhandelen. Duitsland en het VK sluiten een wapenstilstand. De Duitsers eisen dat de Britten zich niet langer met het continent bemoeien. Ze vragen ook hun in 1918 verloren kolonies terug. Het VK haalt een plan uit 1937 uit de kast. Duitsland krijgt Belgisch-Kongo als compensatie. Duitsland annexeert Luxemburg, Elzas-Lotharingen en een extrastrook Frans grondgebied. Niet alleen Nederland maar ook België krijgt een Duits burgerlijk bestuur in afwachting van een volledige annexatie. De Waalse leider Léon Degrelle overtuigt Hitler dat Walen verfranste Germanen zijn. Nederland, Vlaanderen en Wallonië mogen nog dertig jaar het Nederlands en het Frans gebruiken als officiële taal, maar het Duits krijgt een gelijkaardige status.
In de lente van 1941 valt Hitler de Sovjet-Unie binnen. Einde Augustus is Europees Rusland tot aan de Oeral veroverd. De Duitsers profiteren van de inval om vernietigingskampen te organiseren voor Joden. Ze annexeren Denemarken, de Baltische staten, West-Oekraine en Wit-Rusland als ‘Lebensraum’. Ze plaatsen een stroman in Moskou als hoofd van romp-Rusland. Ze starten met de kolonisering van het Oosten, maar slagen er niet in een keiharde guerrilla te onderdrukken. De West-Europese boeren staan niet te springen om hun leven te riskeren in de veroverde gebieden. Japan slaat toe in Pearl-Harbour. Hitler verklaart de oorlog aan de VS. En dan…
| < Vorige |
|---|














